Ik wil niet naar bed!!!

“IK WIL NIET NAAR BED!!!” Vanavond was het weer zover: één van onze drie kinderen weigerde naar boven te gaan. Liefdevol en duidelijk zeggen dat het bedtijd is en we samen naar boven gaan werkte niet. Boos worden hielp niet. Uitleggen ook niet. “Ik wil ZELF bepalen wanneer ik naar bed ga!” Herkenbaar? Heb jij soms ook moeite om verzoeken van jezelf bij je kinderen gedaan te krijgen?

Ik betrap mezelf er nog weleens op als ik tegen m’n kinderen zeg: als jij je kamer opruimt, dan mag je daarna een kwartiertje op de tablet. En als je je bord leeg-eet krijg je een toetje. Ook toen ik nog een peuter in huis had gebeurde het regelmatig dat ik bijvoorbeeld de plasjes op het potje beloonde met een sticker. En bij 10 stickers een klein kadootje. En om meteen maar even verder te gaan: toen ik nog juf was heb ik de kinderen suf gestickerd en op vele, vele andere manieren beloond.

Je voelt het misschien al een beetje aan de toon van bovenstaand stukje: belonen is helemaal niet zo positief voor een kind als dat het in eerste instantie doet lijken. Wat is er dan mis mee? Met belonen probeer je bij een kind goed gedrag af te dwingen. Het kind is vooral bezig de beloning te innen. Het gaat hem dus vooral om het resultaat (de beloning) en dus niet om de opdracht zelf (het proces). Je kunt zelfs zeggen dat het een soort machtsmiddel is. Jij als ouder bepaald dat een kind iets moet doen en probeert dat geforceerd voor elkaar te krijgen door een beloning in het vooruitzicht te stellen. Denk je dat een kind de opdracht de volgende keer zonder morren zal doen? Nee, in tegendeel, het circus en gedoe begint weer van voren af aan en eigenlijk rekent het kind al op een beloning. En die beloningen moeten steeds groter worden om ze tevreden te stellen. En werkt de beloning niet of luistert het kind niet? Dan is straf ook een middel, een machtsmiddel.

Eigenlijk wil je je kind net als een puppy trainen naar gedrag dat in jouw ogen voldoet. Maar een kind is geen puppy. Met andere woorden: de motivatie om iets doen komt van een ander en niet vanuit het kind zelf. Als opvoeder ben je vooral bezig met het gedrag van je kind en met de korte termijn: “ik wil dat je nú doet wat ik zeg!” Maar wat wil je eigenlijk op de lange termijn? Een liefdevolle, warme relatie met je kind op basis van wederzijds vertrouwen en respect. Toch?

Op school gaat het vaak niet anders. Kinderen die rustig en geconcentreerd werken krijgen een sticker of mogen de laatste 10 minuten van de schooldag een spelletje spelen. Bij een goedgemaakte toets worden kinderen beloont met een goed cijfer (en gestraft met een slecht cijfer). Ook gedrag wordt vaak gemanipuleerd door beloningen in te zetten. En ik zal eerlijk zijn: uiteraard heb ik mij daar als juf destijds ook vaak schuldig aan gemaakt. Laatst kwam één van mijn kinderen thuis uit school met een sticker op zijn hand. Hij vertelde dat hij die had gekregen omdat hij binnen de tijd z’n brood had opgegeten op school. Het doel voor een kind is dan dus snel je brood opeten (en de volgende keer nog sneller, het werkt dus ook competitie in de hand) want dan krijg je een sticker. Er wordt voorbijgegaan aan het gezellige moment van samen een broodje eten. En wat nou als hij de volgende keer geen sticker krijgt? Dan kan een kind dat voelen als falen. De druk wordt hoog. Hiermee werk je dus prestatiedruk in de hand.

Ik hoor je nu denken: “soms moeten dingen toch gewoon gebeuren? Hoe laat ik m’n kind dan luisteren?” Bedenk ten eerste dan eens hoe essentieel jouw verzoek is aan je kind. Daar valt soms nog wel eens over te twisten. Stel jezelf eens de volgende vragen: Is het redelijk wat je vraagt? (gezien de leeftijd bijvoorbeeld) En waarom doe je dit verzoek eigenlijk? Wat is het ergste dat er kan gebeuren als je kind het niet doet? Ten tweede: betrek je kind bij het verzoek! Een kind voelt zich dan gehoord en gezien. En krijgt een gevoel van autonomie. Een heel belangrijke waarde voor een mens: autonomie! Als volwassene wil je toch ook het liefst ZELF bepalen wat je doet en wanneer?

Hoe betrek je je kind er dan bij? Door op z’n minst te vertellen waarom je dit verzoek doet. En overleg dan samen hoe het kind het kan gaan doen en welke keuzes het kind heeft. Inspraak, zorgt voor betrokkenheid en respect naar elkaar toe. Het kind heeft het gevoel dat hij erkent wordt. Erkenning is een basisbehoefte van een mens! En dat betekent dus NIET dat je alles zomaar goedkeurt en er een soort van softe, grenzeloze aanpak ontstaat. Integendeel: door de grote betrokkenheid bij elkaar ontstaat er respect en warmte voor elkaar en voelen kinderen niet vaak meer de noodzaak om grenzen op te zoeken.

Misschien is dit wel een mooie om altijd in je achterhoofd te houden: bedenk dat de band met je kind altijd belangrijker is dan het verzoek aan je kind.

Ja, allemaal leuk en aardig hoor ik je denken. Maar ik heb ’s morgens vroeg net voor dat we naar school gaan echt geen tijd om mijn kind uit te leggen op welke manier en waarom het de jas en schoenen aan moet doen en waarom het naar school moet! Dan zeg ik als kindercoach: kijk dan eens verder dan het gedrag. Wat zit er achter? Misschien zit hij op school naast iemand in de klas waar hij gister nog ruzie mee gehad heeft. Of staat er deze dag een toets gepland waar het kind spanning voor heeft.

Gedrag is maar de buitenkant van een kind. Gedrag heeft altijd een reden. Als kindercoach vertaal ik graag voor ouders het gedrag van hun kind. Wil je hier meer over weten? Heb je vragen over het gedrag van jouw kind? Neem vrijblijvend contact met mij op!

Laat een reactie achter